man pijn in schouder

Thoracic outlet syndroom

man pijn in schouderHet thoracic outlet syndroom (TOC) is een aandoening waarbij een bepaalde zenuwbundel in de nek en/of twee specifieke bloedvaten beklemd raken rond het sleutelbeen. Deze zenuwen en bloedvaten lopen voornamelijk de arm. Deze aandoening kan verschillende klachten in de nek en de arm met zich meebrengen. In dit artikel leggen we uit wat het thoracic outlet syndroom precies inhoudt.

Wat is het thoracic outlet syndroom?

Het thoracic outlet syndroom is in 1956 voor het eerst beschreven door Dr. Peet. De aandoening komt voornamelijk voor bij personen die tussen de twintig en vijftig jaar oud zijn. Het wordt ook wel het schoudergordelsyndroom of het niet radiculair vasculair compressie syndroom genoemd.

In de vaat-zenuwbundel zit een geheel van bloedvaten en zenuwen. Bij het thoracic outlet syndroom ontstaat de beknelling in de meeste gevallen ter hoogte van het bovenste gedeelte van de hals en de borst. De bundel ligt hier tussen een nauwe ruimte van botten, spieren en banden en kan dit is dus een plaats waar het gemakkelijk bekneld kan raken.

Er zijn drie verschillende manieren waarop de vaat-zenuwbundel kan worden afgekneld. Zo kunnen bijvoorbeeld de ondersleutelbeenslagader en de onderste wortels van de plexus brachialis bekneld raken tussen de voorste en middelste scheve halsspier. Dit gebeurt ter hoogte van het kruisen van de eerste rib. Daarnaast is het mogelijk dat de ondersleutelbeenader en/of de slagader en/of de binnenste wortel beklemd raken in de ruimte tussen het sleutelbeen en de eerste rib. Deze beknelling is gelegen achter het sleutelbeen.

Als laatste kan het zo zijn dat de slagader en/of de ader van de oksel en/of een van de zenuwen van de plexus brachialis bekneld raakt tussen het ravenbekvormig uitsteeksel van het schouderblad en de kleine borstspier.

Het thoracic outlet syndroom kan diverse klachten met zich meebrengen, zoals pijn, krachtsverlies en doofheid in de arm en de hand. Veel dokters herkennen dit syndroom echter niet en de aandoening staat bekend als een van de meer niet herkende oorzaken van deze klachten. Vaak denken artsen dat de klachten ontstaan als gevolg van diabeter of dat er een armzenuw ter hoogte van de elleboog in de knel zit. Het schoudergordelsyndroom is echter heel iets anders en dient ook op een andere wijze behandeld te worden.

Hoe ontstaat het?

De beknelling ontstaat op de plaats waar de zenuwen en de bloedvaten uit de borstkas komen. Dit is ruimte tussen het sleutelbeen en de eerste rib. Er zijn verschillende factoren die ervoor kunnen zorgen dat deze ruimte beperkt is. Zo kan er sprake zijn van een extra rib of een bizarre vorm van de eerste rib. Ook is het mogelijk dat de nekspieren te dik zijn of dat een breuk van het sleutelbeen slecht is genezen. Als de ruimte tussen het sleutelbeen en de eerste rib vernauwd is, kan de vaat-zenuwbundel bekneld raken.

Het is mogelijk dat het thoracic outlet syndroom ontstaat als gevolg van een ongeval waarbij de eerste rib of het sleutelnbeen gebroken is. Daarnaast kan het ook komen doordat de nekspieren (het gaat hierbij om de scalenusspieren) overmatig worden gebruikt bij bepaalde beroepen of sporten, waardoor ze te dik worden en de ruimte vernauwen. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen bij kappers, schilders, leraren, zwemmers, rugbyers of krachtsporters/bodybuilders.

Daarnaast kan het ontstaan van het thoracic outlet syndroom ook te maken hebben met slechte houdingen. Denk hierbij aan foutief sporten, maar ook aan verkeerde houdingen achter de computer, uitgezakt achter te televisie zitten of een overmatig gebruik van tablets en telefoons. Onze nekspieren moeten namelijk het gehele gewicht van ons hoofd dragen (1/8ste van ons gehele lichaamsgewicht), waardoor ze het bij het aannemen van verkeerde houdingen zwaar te verduren krijgen.

Wat zijn de symptomen?

De symptomen van het thoracic outlet syndroom worden veroorzaakt door de druk op de zenuw. In bijna alle gevallen is er sprake van pijn in de schouder die uitstraalt naar de arm en de hand. Pijn in de nek, het achterhoofd en de kaken komt ook regelmatig vooor. Samen met de pijn krijg je vaak ook te maken met een tintelend, prikkend, slapend of doof gevoel in de arm of de hand. Het is mogelijk dat er krachtverlies optreedt wanneer je de armen boven het hoofd houdt en de armen kunnen eveneens zwaar aanvoelen. De beknelling van de slagader kan daarnaast zorgen voor een koud gevoel in de arm en een bleke huid.

Verder kun je last hebben van een gespannen gevoel in de arm en het kan ook iets gaan zwellen. De beknelling van een ader kan ervoor zorgen dat de aderen die in de arm aan het oppervlak liggen gaan zwellen en de hand kan ook blauw gaan kleuren. Meestal ontstaan deze klachten voornamelijk wanneer je de armen hoger houdt dan de schouders. Denk hierbij aan het schrijven op een schoolbord, het ophangen van de was of het doen van je haar.

Een zenuw beknelling gaat samen met spierzwakte en artofie. Ook zul je een pijnlijk gevoel in de arm en de hand ervaren en het kan zijn dat het moeilijker is om fijn motorische taken met de hand uit te voeren. Verder kun je last hebben van tintelingen en een doof gevoel in de nek, de schouder, de arm en de hand. Er kunnen ook krampen ontstaan aan de onderkant van de arm in de buigspieren van de vingers. Daarnaast kun je te maken krijgen met een brandend gevoel, een koud gevoel in de arm of hand en een verlies van het warm-koud gevoel.

Bij een bloedvat beknelling raakt de arm of de hand opgezwollen en voelt dit ook zwaar aan. De hand kan daarnaast ook blauwachtig kleuren. Verder raken de armen en de handen sneller vermoeid en je kunt last hebben van een kloppend gevoel vlak boven het sleutelbeen. Als laatste kan er een diepe, kiespijnachtige pijn optreden in de nek- en schouderregie. Dit gevoel lijkt 's nachts vaak erger te worden.

Mogelijke gevolgen

Het thoracic outlet syndroom kan een aantla vervelende gevolgen hebben. Zo kunnen er bijvoorbeeld blijvende spierletsels ontstaan of afwijkingen aan de slagader in het ondersleutelbeen. Daarnaast kun je te maken krijgen nmet het fenomeen van Raynaud. Hierbij is sprake van een blauwe verkleuring van de vingertoppen en een koud gevoel in deze vingers. Het is ook mogelijk dat de binnenkant van de slagader beschadigd raakt, waardoor er bloedpropjes kunnen losschieten die vervolgens in de vingertoppen terecht komen.

Daarnaast kan de afknelling zorgen voor spierzwakte en het is zelfs mogelijk dat bepaalde spieren door de beknelling afsterven. In sommige gevallen kan er trombose ontstaan. Een bloedpropje blijft dan vastzitten in het bloedvat, waardoor de doorbloeding van de arm verminderd. Als gevolg hiervan kun je last krijgen van prikkelingen in de hand, pijnklachten en krachtverlies. Ook is het mogelijk dat dit een blauwe verkleuring of bleekheid van de arm of hand veroorzaakt.

Op plaatsen na de vernauwingen kunnen storingen in de bloeddoorstroming ontstaan. Dit kan een verwijding van het desbetreffende bloedvat veroorzaken. Als gevolg hiervan kunnen bloedpropjes losschieten. Dit zal klachten met zich meebrengen als acute pijn, krachtverlies, een koude arm, bleekheid of trombose. In sommige gevallen valt de bloedcirculatie helemaal stil en het kan ook zo zijn dat het verwijde bloedvat openscheurt.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Zoals we eerder al noemden is het thoracic outlet syndroom voor artsen moeilijk te herkennen als oorzaak van de genoemde klachten. Er zijn geen specifieke criteria vastgesteld voor het stellen van de diagnos en het is ook niet mogelijk om met vaatfoto's of laboratoriumonderzoeken met 100% zekerheid aan te tonen dat het om het schoudergordelsyndroom gaat. Een ander probleem bij het vaststellen van de diagnose is dat de schouder- en armpijn vele oorzaken kan hebben. Het is daarom belangrijk dat je de symptomen uitgebreid beschrijft aan de behandelend arts en bij welke bewegingen of houdingen deze klachten optreden.

De arts kan wel een aantal testen met de arm uitvoeren om te onderzoeken of er sprake is van het thoracic outlet syndroom. Zo kan de arts je een oefening laten doen waarbij je de armen zijwaarts houdt in een hoek van zeventig graden met de ellebogen ook zeventig procent gebogen (de EAST of Roos-test). Vervolgens dien je langzaam een krachtige vuist te maken met beide handen. Daarna dien je de vingers langzaam te strekken. Als je deze test drie minuten lang kunt uitvoeren zonder dat er klachten optreden, is er geen sprake van het schoudergordelsyndroom. Het is ook mogelijk dat de arts andere testen doet, zoals de Eden-test, de Adson-manouve of de Wright-test.

Nadat de arts een of meerdere testen heeft uitgevoerd volgt er waarschijnlijk minimaal een ander onderzoek om de diagnose te bevestigen. De behandelend arts kan er bijvoorbeeld voor kiezen om een CT- of een MRI-scan te maken of middels een Doppler echografie de doorbloeding van het desbetreffende bloedvat meten. Radiografie van de hals werfelzuil kan ook helpen bij het stellen van de diagnose. Hiermee kan worden gekeken of er sprake is van eventuele afwijking, zoals een extra rib. Verder kan een eventuele zenuwbeklemming worden vastgesteld met een EMG.

Welke behandelingsmogelijkheden zijn er?

Het schoudergordelsyndroom kan vaak het beste worden behandeld door ergotherapeut of fysiotherapeut. Tijdens de behandeling leer je bepaalde rekoefeningen aan om de beweeglijkheid van de schouder te verbeteren en lichte oefeningen om de spieren te versterken (zware spierversterkende oefeningen kunnen de ruimte waar de vaat-zenuwbundel doorheen loopt nog meer vernauwen, dus hier wordt niet voor gekozen). Ook kan er gebruik worden gemaakt van relaxatietechnieken. Dit is een combinatie van bepaalde oefeningen en warmte, waardoor de spieren meer ontspannen worden. Je kunt hierbij bijvoorbeeld denken aan een massage of een warme douche.

Het aanpassen van de werk-, zit- en slaaphouding is echter het meest van belang. Als je de gehele dag door een goede houding aanneemt, kan dit de symptomen aanzienlijk verlichten. Zo is het belangrijk dat je in staande of zittende houding de schouders naar achteren brengt, terwijl je de spieren wel ontspannen houdt. Ook dient het lichaamsgewicht in gelijke maten over beide voeten verdeeld te worden in een staande houding. Verder is het belangrijk dat je op een goed matras en een goed kussen slaapt.






                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                   

Auteur: Rowanblom
Aantal keer gelezen: 791x
Toegevoegd: 10-09-2016 20:37
Gewijzigd: 30-09-2016 23:52

Relevante links

Categorieën

Er zijn reeds 2158 artikelen toegevoegd op deze website.
De copyrights van infobron.nl zijn van toepassing!