PDD-NOS

PDD-NOS: wat houdt dit precies in?

PDD-NOSPDD-NOS is een pervasieve ontwikkelingsstoornis dat wordt gekenmerkt door sociale en communicatieve problemen. Het omschrijft een restcategorie die kenmerken heeft van autisme, maar onvoldoende om zo genoemd te worden. In dit artikel leggen we je uit wat PDD-NOS precies inhoudt, hoe je de stoornis kunt herkennen en wat de behandelingsmogelijkheden zijn.

Wat is PDD-NOS?

Voor de classificatie PDD-NOS ontbreken duidelijke criteria en daarom ontstaat er wel eens verwarring over de classificatie. Er zijn echter wel een aantal richtlijnen. Bij een persoon met PDD-NOS is er altijd sprake van een beperking of een duidelijke achterstand in de sociale interactie. Ook is er sprake van stereotiep gedrag en/of tekortkomingen in de (non-)verbale communicatie.

PDD-NOS valt onder de pervasieve ontwikkelingsstoornissen. Dit betekent dat iemand met deze stoornis problemen ondervindt op verschillende ontwikkelingsgebieden. Zo kan de cliënt problemen hebben in de motorische ontwikkeling of de taalontwikkeling, maar ook het reageren op interne en externe prikkels. Vrijwel elk persoon met PDD-NOS vindt het moeilijk om het eigen gedrag in sociale situaties goed te besturen en zich op anderen te richten.

Een ander belangrijk kenmerk van personen met de ontwikkelingsstoornis PDD-NOS is dat hun sociale intuïtie en sociale begrip zich zeer moeizaam ontwikkelt. Hierdoor gaat de cliënt zich angstig en onzeker voelen. Daarom houdt hij of zij zich graag vast aan bekende patronen en regels (soms zelfs ook dwangmatig).

Wat zijn de oorzaken?

Het is niet duidelijk wat de precieze oorzaak is van PDD-NOS, maar we weten wel dat aangeboren erfelijke factoren in de meeste gevallen een rol spelen. Ongeveer tachtig tot negentig procent van de personen met PDD-NOS heeft een genetische aanleg voor het ontwikkelen van deze stoornis. Vaak zien we ook dat er in een familie verschillende varianten van autismespectrumstoornissen voorkomen.

Meerdere genen zijn verantwoordelijk voor het ontstaan van de ontwikkelingsstoornis PDD-NOS. Er wordt vermoed dat deze genetische veranderingen zorgen voor een andere ontwikkeling van de hersenen. Dit heeft gevolgen voor de verwerking van sociale informatie. Het lijkt erop dat omgevingsfactoren vrijwel geen rol spelen bij het ontstaan van PDD-NOS.

Hoe kun je PDD-NOS herkennen?

Het gedrag van personen met PDD-NOS kan eigenlijk worden onderverdeeld in drie verschillende categorieën. Allereerst heeft iemand met PDD-NOS problemen in de sociale omgang. Hij of zij deelt weinig met anderen en vindt het prettig om op zichzelf te zijn. Een persoon met deze stoornis zoekt vaak alleen contact met anderen als dit nodig is.

Verder vindt een persoon met PDD-NOS het lastig om contact te maken met anderen zonder taal, bijvoorbeeld door middel van oogcontact en lichaamshouding. Ook kan de cliënt het moeilijk vinden om gesproken taal te begrijpen en de taalontwikkeling is vaak laat of in een andere volgorde op gang gekomen.

Als laatste zien we ook apart en stereotiep gedrag terug bij personen met PDD-NOS. Hierbij kan worden gedacht aan het vasthouden aan bepaalde gewoontes of rituelen. Verder kan de persoon een enorme belangstelling hebben voor een bepaalde activiteit of een bepaald product en hij of zij weet hier dan ook alles over. Daarnaast kunnen kleine veranderingen in de omgeving van iemand met PDD-NOS ervoor zorgen dat de persoon angstig wordt en in paniek raakt.

Wat zijn kenmerken van PDD-NOS?

Er zijn verschillende kenmerken waaraan je kunt herkennen of iemand PDD-NOS heeft. Deze kenmerken kunnen worden onderverdeeld in de bovenstaande categorieën. Iemand met PDD-NOS heeft bijvoorbeeld vaak moeite om vriendschappen met leeftijdsgenoten aan te gaan en het is voor hem of haar ook lastig om emoties bij anderen herkennen. Ze nemen alles vaak heel letterlijk en letten op de details.

De motoriek van een persoon met PDD-NOS kan houterig zijn. Verder kan de persoon goedgelovig zijn en last hebben van driftbuien en paniekreacties. Andere kenmerken zijn een overgevoeligheid voor prikkels, moeite met het overschakelen naar een andere activiteit en moeite hebben om de geleerde stof toe te passen in de praktijk.

Iemand met PDD-NOS is in een aantal dingen echter juist weer heel goed. Zo kunnen deze personen feiten en data vaak goed onthouden en ze kunnen goed omgaan met technische zaken. Verder letten ze goed op details en kunnen daardoor ook snel kleine fouten opmerken. Iemand met PDD-NOS is meestal gedreven. Hij of zij gaat door totdat iets volledig af is en let ook erg op systematiek en perfectie. Ook kan iemand met deze ontwikkelingsstoornis goed dingen zien in de ruimte (kaart lezen, puzzels maken). Andere sterke kanten van personen met PDD-NOS zijn dat ze zich niet laten meeslepen door emoties, heel eerlijk zijn en een groot rechtvaardigheidsgevoel hebben.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

De diagnose PDD-NOS kan nog niet worden vastgestel aan de hand van precieze gegevens. Meestal kijkt de arts naar de gegevens van ouders en leerkrachten en de bevindingen uit onderzoek van verschillende deskundigen in die werkzaam zijn in het medische en psychologische vakgebied. Ook zal de arts meestal een lichamelijk onderzoek uitvoeren, voornamelijk als er voor een behandeling met medicijnen wordt gekozen.

Hoe wordt PDD-NOS behandeld?

Helaas is PDD-NOS nog niet te genezen en er is ook nog geen echte behandeling om de klachten tegen te gaan. De behandeling bestaat uit voorlichting, opvoedingsondersteuning, begeleiding op school en psychotherapie. De aard en de ernst van de symptomen kan door deze totale behandeling worden verminderd, maar de kenmerken zullen nooit helemaal verdwijnen. Een belangrijk onderdeel van de behandeling is de omgeving aanpassen aan de cliënt en zo voorspelbaar mogelijk maken.

De PDD-NOS behandeling kan worden gecombineerd met een behandeling met medicijnen. De medicijnen zijn echter niet gericht op het tegen gaan van de kenmerken van PDD-NOS, maar op het tegen gaan van de kenmerken van een bijkomende stoornis of een probleem. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan angst, agressie of een depressie. In sommige gevallen schrijft de arts Ritalin voor om de aandacht en de concentratie te verbeteren.

Wat kun je doen als ouder van een kind met PDD-NOS?

Als je ouder bent van een kind met PDD-NOS, is het belangrijk om de omgeving zoveel mogelijk aan te passen aan de problemen van het kind. Een voorspelbare omgeving zorgt ervoor dat het kind minder angsten ondervindt. Zorg daarom voor structuur, orde en regelmaat en voer nieuwe dingen stap voor stap in. Probeer alles ook zo duidelijk mogelijk uit te leggen en ga na of je kind begrijpt wat je zegt. Maak ook duidelijke afspraken over tijdsindelingen en uitjes. Uit ook niet teveel emoties, aangezien het kind de emoties niet of verkeerd begrijpt en hierdoor verward kan raken. Indien het kind driftig of agressief wordt, is het belangrijk om geduldig te blijven.






                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                   

Auteur: Rowanblom
Aantal keer gelezen: 853x
Toegevoegd: 23-07-2016 17:35
Gewijzigd: 05-08-2016 21:30

Relevante links

Categorieën

Er zijn reeds 2179 artikelen toegevoegd op deze website.
De copyrights van infobron.nl zijn van toepassing!